150 jaar Zusters Kindsheid Jesu te Zeveneken. 1869 2019 

Een jubeljaar.

Deel 1: Kanunnik Petrus Jozef Triest, stichter van de Congregatie Zusters Kindsheid Jesu.

De reeks die we schrijven over de aanwezigheid van de Zusters Kindsheid Jesu te Zeveneken begint waar het hoort. Met name in het verre verleden. Noch de Congregatie, noch het woonzorgcentrum komen zomaar uit het niets te voorschijn. De geschiedenis gaat terug naar de persoon Kanunnik Petrus Jozef Triest zonder wiens belangrijke inzet er nooit sprake zou geweest zijn van de Congregatie Zusters Kindsheid Jesu. We willen jullie dan ook vertellen over zijn leven en werk als priester in een bewogen tijd. Van België was er nog geen sprake. Eind 18de eeuw was Keizer Jozef II hier aan de macht en werden Kerk en kloosterorden in hun mogelijkheden beknot. Daarna kwam de Franse overheersing waar priesters trouw moesten zweren aan de République en zij hun priesterambt ondergedoken vervulden. Daarna kwamen onze streken onder het bewind van de Nederlanden vooraleer België op de kaart werd gezet. Het is ook maatschappelijk een donkere periode met heel veel armoede onder de arbeiders, vooral in de steden waar ook kinderarbeid een feit was. Gezondheidszorg stond op een heel laag niveau en onderwijs was helemaal niet goed uitgebouwd laat staan toegankelijk voor iedereen.

Petrus Jozef Triest werd geboren in Brussel op 31 augustus 1760. Zijn leven situeert zich dus de tweede helft van de 18de eeuw en de eerst helft van de 19de eeuw. Hij stierf op 24 juni 1836. Wat voor een actief man hij was zetten we hier heel kort uiteen.

  • In 1776 volgde hij humaniora ‘Latijnse school’ te Geel.
  • In 1780 studeerde hij wijsbegeerte en filosofie aan de universiteit van Leuven.
  • Na zijn seminarietijd in Mechelen werd hij priester gewijd op 10 juni 1786.
  • EH. Triest wordt als priester ingezet in Blaasveld, in Mechelen, in Asse. In die periode weigert hij de eed van trouw af te leggen aan de République onder de Franse bezetting. Hij wordt benoemd als onderpastoor te Ronse in 1797 en moet er ondergedoken zijn priesterambt uitvoeren. Een gekend verhaal is dat van in het geheim toedienen van het sacrament van de zieken aan de stervende vrouw van de brigadier waarbij hij op heterdaad wordt betrapt. Dit is een tekenend voorbeeld van de daadkracht van EH Triest.
  • In 1802 wordt EH Triest voor het eerst pastoor benoemd. Het wordt de St.-Martinusparochie te Ronse. Hier gaat hij voor het eerst ook pogen een groep ‘godvruchtige meisjes’ bijeen te brengen om een opvoedingsproject voor arme kinderen te starten. Laat dit nu net een twistpunt worden met de burgerlijke overheid waardoor EH Triest een overplaatsing naar Lovendegem dient te maken.
  • In Lovendegem blijft EH Triest, geconfronteerd met dezelfde noden, ijveren om structurele oplossingen aan te reiken. In 1803 worden de Zusters van Liefde van Jezus en Maria gesticht. Deze congregatie is tot op vandaag nog steeds wereldwijd actief in onderwijs, ziekenzorg, psychiatrische zorgverlening, ouderenzorg, zorg voor mensen met een beperking,…
  • In 1807 wordt EH Triest directeur van het Bijloke Ziekenhuis te Gent en lid van de Commissie van de stedelijke godshuizen (huidige OCMW). Dat jaar wordt hij ook Kanunnik in de St.-Baafskathedraal van Gent.
  • In 1810 werd de congregatie van de Broeders van Liefde opgericht. Oorspronkelijk om de ‘krankzinnigen’ die in erbarmelijke omstandigheden opgesloten werden een meer menswaardig bestaan en specifieke behandeling te kunnen geven. De Broeders van Liefde zijn ook mettertijd een wereldwijde congregatie geworden in diverse domeinen van zorg en onderwijs. Ongetwijfeld kennen jullie het Guislain-instituut te Gent dat één van de eerste psychiatrische ziekenhuizen werd met innoverende behandelingen voor geesteszieken en een bijzondere architectuur om dit te ondersteunen.
  • In 1823 werd de Congregatie van de Broeders van St.-Jan de Deo in het leven geroepen. Deze broeders werd gevraagd om thuisverpleging in Gent op zich te nemen.
  • In 1835 werd zijn laatste stichting de Zusters Kindsheid Jesu een vervulling van een lang gekoesterde droom. Geconfronteerd met de ernstige sociale toestand van de arbeidersbevolking in Gent moest hij iets doen voor de problematiek van de vondelingen. In een vleugel van de abdij Sint-Jan-in-de-Olie (naast de St.-Jacobskerk te Gent) vonden de eerste zusters een onderkomen.

Opsommen wat Kanunnik Triest in zijn rijk gevulde leven nog allemaal heeft verwezenlijkt is onbegonnen werk. Toch blijkt uit de vele mandaten in de allerlei organisaties, verenigingen, instellingen,… dat Triest deze niet cumuleerde als postjesjager. Hij gebruikte zijn benoemingen om daadwerkelijk de touwtjes in handen te nemen en sturing te geven aan het lenigen van belangrijke noden van de arme en noodlijdende mensen.

Het voorbeeldige priesterleven en zijn voortdurende inzet voor de minstbedeelden zijn niet onopgemerkt voorbij gegaan. In 2001 werd daarom een procedure tot zaligverklaring opgestart. Dit is nu nog niet afgerond, maar Petrus Jozef Triest zou op die manier nog meer tot voorbeeld kunnen strekken om zich in te zetten voor de medemens vanuit een gelovige ingesteldheid.

In deel 2 zullen we uitvoerig ingaan op de geschiedenis en de ontwikkelingen van de Congregatie Zusters Kindsheid Jesu.